banner gezinsquarantaine
Persoonlijk

Vier weken ‘gezinsquarantaine’, tijd om de balans op te maken

Midden november konden we er, ondanks al onze voorzorgsmaatregelen, niet meer aan ontsnappen. Covid kreeg ook ons te pakken. Het begon bij mijn man, sprong toen over op mij, Amélie en uiteindelijk op Emiel. Van ons vier was Emiel er het ziekste van. Tien dagen koorts en een enorme vermoeidheid. De kinderarts vond het zo uitzonderlijk dat hij zelfs in een andere richting dan Covid begon te denken, al zal dat zeker een rol gespeeld hebben. De test van Emiel was tenslotte ook positief.

In De vierde golf kreeg ons toch te pakken schreef ik al over het verloop van onze covidbesmettingen.

Onze quarantaine duurde uiteindelijk vier weken, al moet je dat ook niet al te letterlijk nemen. Tien dagen na onze positieve test konden ik en mijn man wel opnieuw genieten van de buitenlucht. Maar als je twee kinderen hebt die niet naar buiten mogen dan heb je als ouder ook niet echt veel bewegingsmogelijkheden. Op een tripje naar de winkel of even binnenspringen op je werk na dan.

In de praktijk zaten we dus met z’n vieren in ons huisje opgesloten. En dat heeft zo zijn uitwerkingen op het hele gezin.

‘Mogen we weer bij elkaar?’

Aangezien mijn man de eerste was die positief testte en wij vooral schrik hadden voor Emiel, ging mijn man meteen na zijn positieve test in isolatie. Zowel ik, Emiel als Amélie testten op dat moment nog negatief met een zelftest. Mijn man woonde drie dagen in zijn bureau en onze slaapkamer. Ik sliep bij Amélie, zette zijn eten aan de deur en haalde het daar weer op. Communicatie verliep via onze telefoon: een berichtje voor het slapengaan, een belletje tussendoor. Maar een echt gesprek hadden we op die manier natuurlijk niet.

Terwijl mijn man het gevoel had dat hij alleen maar aan het werken was, had ik het gevoel dat ik verdronk in mijn taken als moeder. Leven op de plaats waar je normaal werkt, dat geeft blijkbaar het gevoel dat je de hele tijd werkt (of slaapt) ook al ben je dus televisie aan het kijken (op een computerscherm). Beneden had ik intussen geen hulp in het huishouden of met de kinderen. Normaal helpt mijn man heel vaak mee, maar vanuit zijn isolatie kon hij dat natuurlijk niet. Ik begon na 48 uur al het gevoel te hebben dat ik verdronk.

Na drie dagen werden bij mij, Amélie en Emiel een PCR-test afgenomen. Ik hernieuwde de website van ‘Mijn Gezondheid’ zo vaak dat ik het niet meer op twee handen en voeten tellen kan. Op zo’n moment word je in tweeën gescheurd. Je wilt dat iedereen negatief blijft, zodat je kinderen ongeschonden uit de strijd komen. Maar tegelijk hoop je toch ergens dat er iemand positief test, zodat die isolatie opgeheven kan worden.

Uiteindelijk was ik het die als tweede een positieve test had. Ik en mijn man zijn letterlijk in elkaars armen gevallen. Wat een feest om elkaar weer te mogen knuffelen! Na die drie dagen besefte ik maar eens des te meer hoeveel ‘last’ er mij ontnomen wordt als mijn man er is. Echt, adem!!

‘Dat lukt hier nog wel goed, toch?’

Toen de isolatie van mijn man eenmaal was opgeheven, werkte ik nog steeds beneden met twee kinderen om me heen, terwijl mijn man in zijn bureau werkte. Maar nu konden we op elkaar rekenen voor de ochtend- en avondspits, of tussendoor.

Toen Amélie positief testte, was dat een domper, maar we waren al lang blij dat Emiel nog steeds ‘negatief’ bij zijn naam had staan. Amélie testte echter positief vlak voor mijn man en ik uit quarantaine mochten. Daarmee werd onze huisarrest verlengd met nog eens tien dagen. Hoewel dat niet fijn is om te horen, voelde dat voor mij eigenlijk niet persé als een straf.

‘Dat lukt hier nog wel goed, toch?’ zei ik zelfs vol vertrouwen tegen mijn man. En dat ging ook redelijk goed. Maar vooral omdat we veel regels lieten varen. Schermtijd? Kijk maar televisie, dan zijn jullie stil. Snoepen? Neem maar, schat, want het is niet makkelijk om zo thuis te zitten. Als eigenwijs kind met een sterke wil was dat het teken voor Amélie om haar zin te gaan doen.

Gelukkig hadden zowel ik als mijn man snel door dat we de teugels toch iets teveel lieten vieren. We voeden niet autoritair op, maar er zijn wel grenzen! Die begon Amélie steeds verder af te tasten. Tijd om in te grijpen dus.

‘Niet nog eentje!’

De dag nadat hij negatief getest werd, begon Emiel koorts te krijgen. Eerst was het ’s avonds, toen ook overdag. Na het weekend wisten ik en mijn man het zeker: Emiel heeft de Covid ook te pakken. Waar we ervoor nog een beetje de moed erin konden houden, hakte dit er wel enorm in. Moeilijke nachten, omdat we onze zorgen niet zomaar naast ons neer konden leggen, gooiden extra olie op het vuur van de vermoeidheid die ik al kende door de Covid. Emiel sliep als een roosje, maar mama en papa hadden dat geluk niet.

Na vijf dagen koorts bracht ik voor het eerst een bezoekje aan de kinderarts, omdat ik er niet gerust in was. Een tweede bezoekje volgde de achtste dag. Uiteindelijk had Emiel tien dagen koorts, waarbij hij heel veel sliep en we hem nauwelijks zaken. Het liefste werd hij met rust gelaten en lag hij in zijn bedje.

De kinderarts dacht aan klierkoorts, maar niemand weet nu zeker of Emiel tien dagen ziek was van Covid of van een andere infectie. Voor ons bleven de gevolgen hetzelfde: zorgen, binnen blijven en nog meer zorgen voor.

Moe, vermoeid, kapot, …

Ik dacht dat het wel lukte. Ik geloofde dat ik er wel in zou slagen om deze periode ook weer ongeschonden door te komen. Maar natuurlijk wist ik ook dat de ‘klop’ achteraf zou komen. Zolang je middenin de overlevingsmodus zit, lukt het allemaal wel. Als die dan wegvalt, neemt je lichaam het weer over.

Lees ook Waarom we emoties soms uitstellen, maar daarna beter stilstaan

Dat was ook exact wat er gebeurde. Eerst mochten ik en mijn man uit quarantaine. Dat betekende in de praktijk dat we vooral in staat waren om zelf onze boodschappen te doen. Maar ook dat mijn man voor zijn werk weer de baan op mocht. Over het algemeen werkt hij van thuis uit, net zoals ik, maar af en toe moet hij ook buitenshuis aan de slag. Die dagen zat ik natuurlijk alleen met de twee kinderen en jongleerde ik nog meer tussen werk, huishouden en oppassen.

Toen Amélie terug naar school mocht, was dat een eerste signaal om adem te halen. Amélie heeft echt nood aan de uitdaging van school: spelen met haar vriendjes, uitgedaagd worden om de wereld te ontdekken, nieuwe dingen leren. Dat is iets wat ik haar thuis echt niet kan bieden zoals de school dat doet. We merkten meteen de verandering op bij haar na een dag of twee school. Ze raakte haar energie meer kwijt en was voldaan na zo’n dagje buitenshuis gaan ontdekken.

Echt ademhalen deden we pas echt toen de koorts van Emiel helemaal verdween. Na tien dagen ons hart vasthouden, konden we eindelijk weer op twee oren slapen. De eerste dagen waren we nog even voorzichtig. We keken met argusogen naar de thermometer en checkten meerdere keren per dag Emiels temperatuur. Pas de derde dag waren we er gerust in en begon ik regelingen te treffen zodat hij terug kon naar de dagbesteding.

Dat was meteen ook het sein voor mijn lichaam om de vermoeidheid in zijn volle gewicht te laten doorslaan. Van de Covid was ik ook vermoeid geweest en dit was zeker vergelijkbaar. ’s Avonds had ik geen zin om te lezen, te haken of televisie te kijken. Ik had alleen maar zin om te slapen. En nog meer te slapen. Rust en stilte was wat ik nodig had. Zodra het lukte, ging ik naar bed. Als mijn kindjes niet thuis waren, maakte ik daar gebruik van om languit in de zetel te gaan liggen en niets te doen.

Maar ook veel liefde en vertrouwen

Maar wat Covid ons ook bracht, was tijd met het gezin. Tijd alleen met ons vieren. En ook, het besef hoe graag we beide kindjes zien. Hoezeer we hen niet kunnen missen. Toen de angst voor Emiel weer toesloeg, was dat uit pure liefde. Wat voor beperkingen Emiel ook heeft of zal hebben, hij blijft ons liefste keppebolletje.

Zelf zag ik in hoe belangrijk mijn gezin voor mij is. Nog meer dan ooit handelde ik daar ook naar. Voor even kon mijn werk mij gestolen worden en maakte ik me geen zorgen over wat mensen zouden denken. Ik deed wat goed was voor mijn gezin. Het laat me inzien dat ik gegroeid ben als mens en als mama. Dat laat me dan weer met vertrouwen kijken naar de toekomst. Samen staan we er en gaan we ervoor. Niet ik alleen, maar wel wij, als gezin.

Het mag namelijk ook gezegd dat ook nu onze relatie weer een storm overleefd heeft. Hoeveel mensen kunnen dat na de afgelopen twee jaar zeggen?

Dit vind je misschien ook leuk...

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *